Bzzz…Bzzz…Bzzz…

Iedere ochtend om 06.00 uur trilt mijn Garmin om mijn pols. Ik heb hem op een stil alarm staan, zodat de rest van het gezin nog lekker een uurtje — hopelijk! — kan slapen. Nog voordat mijn voeten de grond raken, bekijk ik het ochtendrapport op mijn horloge. Slaapscore: check. Rusthartslag: check. HRV: check.

Even kijken hoe mijn lichaam op mijn recente trainingen heeft gereageerd. Daarna scroll ik door naar de training van vandaag.

Training van vandaagRUSTDAG.“Ach… Dat is balen!”

Geen duurloop. Geen interval. Geen kilometers om later terug te kijken in Garmin of Strava. Ik hoor mezelf denken: “Dit is een verloren dag.”

Discipline

Mensen zeggen weleens dat ik veel discipline heb. Ik laat mijn biertje staan, ga op tijd naar bed, eet bewust gezond en sla mijn trainingen zelden over.

Eerlijk gezegd vind ik dat helemaal niet zo moeilijk. Ik weet waarvoor ik het doe. Ik probeer de ideale condities te creëren voor een succesvolle 100 kilometer. Iedere duurloop, ieder tempoblok en iedere interval voelt als een stap richting dat doel. Maar een rustdag voelt anders.

Als ik naar mijn trainingen kijk, zie ik wat ik heb gedaan. Mijn horloge toont afstand, tempo en hartslag. Ik kom thuis met vermoeide benen en het tevreden gevoel dat ik weer iets heb toegevoegd. Maar zo’n rustdag, waar zie ik die? Dat geeft me veel minder voldoening.

Juist daarom vragen dit soort dagen soms meer discipline van mij dan gewoon trainen.

Misschien dan toch…?

Op zo’n ochtend als deze probeer ik mezelf al snel te overtuigen.

Mijn benen voelen best goed. Een paar rustige kilometers kunnen toch geen kwaad? Gewoon even naar buiten. Heel ontspannen.

Misschien herken je dat. Je noemt het een herstelrondje, maar ondertussen wil je vooral niet het gevoel hebben dat je een dag hebt laten liggen.

Soms kan lichte beweging prima passen. Een wandeling met Vriend, rustig fietsen na het eten samen met Jesse of een kort herstelloopje kan prettig zijn. Maar ik moet mezelf één eerlijke vraag stellen:

Helpt dit mijn herstel,

of vind ik niets doen gewoon moeilijk?

Als mijn korte rondje toch langer wordt, het tempo langzaam oploopt en ik vermoeider thuiskom dan ik vertrok, was het geen herstel. Dan heb ik vooral het lege vakje in mijn trainingsschema gevuld.

Honderd kilometer verandert mijn blik

Sinds ik train voor honderd kilometer, kijk ik anders naar rust. Een losse training aankunnen is meestal niet het probleem. Met motivatie en doorzettingsvermogen kom ik een heel eind. De echte uitdaging is om week na week te blijven trainen zonder dat de vermoeidheid zich steeds verder opstapelt.

Een lange duurloop is niet voorbij wanneer ik mijn horloge stopzet. Mijn lichaam is daarna nog bezig met wat ik ervan heb gevraagd. Energievoorraden moeten worden aangevuld en spieren, pezen en andere structuren moeten de belasting verwerken.

De training is de prikkel. Het herstel bepaalt wat mijn lichaam ermee kan doen.

Dat klinkt eenvoudig. Toch moet ik mezelf er op een rustdag nog steeds aan herinneren. En eerlijk gezegd lukt dat niet altijd.

Ik zie namelijk niets terug van een hersteldag. Garmin telt geen punten voor rustig aan doen en Strava deelt geen medaille uit voor op de bank blijven zitten.

De opbrengst verschijnt pas later. Misschien in benen die de volgende ochtend weer willen lopen. In een rustig tempo dat daadwerkelijk rustig voelt. Of in een zware training die ik beheerst kan uitvoeren.

Luisteren zonder ieder cijfer te geloven

Mijn Garmin helpt me daarbij, maar belangrijk om te zeggen: Garmin beslist niet voor mij.

Een goede slaapscore betekent niet automatisch dat ik volledig hersteld ben. Een lagere HRV is ook geen reden om direct ongerust te worden. Ik probeer vooral naar het geheel en de trend te kijken.

Hoe voelen mijn benen? Heb ik energie? Kijk ik uit naar mijn training? Voelt mijn rustige tempo zwaarder dan normaal? Is dit één mindere ochtend of speelt het al meerdere dagen?

Misschien kun jij die vragen ook eens stellen. Zeker wanneer je hoofd graag wil trainen, maar je lichaam iets anders lijkt te vertellen.

Vermoeidheid hoort bij trainen. Je hoeft niet iedere dag fris te zijn. Maar wanneer rustige trainingen steeds zwaar voelen, kleine pijntjes blijven hangen en je motivatie afneemt, kan vasthouden aan je schema juist tegen je werken.

Soms is bijsturen de meest gedisciplineerde keuze.

Geen verloren dag

Aan het einde van mijn rustdag staat er nog steeds niets in Garmin. Geen route, geen tempo en geen extra kilometers richting mijn doel. Ook op het scherm is de dag leeg gebleven.

De volgende ochtend om 06.00 uur voel ik mijn trilalarm opnieuw:

Bzzz…Bzzz…Bzzz…

Ik stap uit bed en voel dat mijn benen weer willen lopen. Pas dan wordt zichtbaar wat gisteren heeft opgeleverd.

Het was geen verloren dag.Het was de dag waarop mijn vorige trainingen waarde kregen.